De psychologie van geld

Mensen zijn doeners. Ze kappen bomen en maken daar spades van. Met die spades graven ze in de grond om aan landbouw te doen. Ze doen dat om te overleven. Op een onbewoond eiland met een handjevol mensen in een kleine gemeenschap zouden mensen misschien samen werken en de vruchten van hun arbeid delen met elkaar, alsof ze één grote familie waren. In de complexe mondiale wereld met miljarden mensen verdienen we geld met onze arbeid. Maar hoe zit dat nu met de relatie tussen beide?
Een gedeelte van de bevolking werkt. Ze doen verschillende soorten werk en creëren daarmee meerwaarde. De ene is heel direct zichtbaar nuttig bezig in de bosbouw, industrie of voedsel-productie. Een ander draagt kennis over, leert andere mensen geavanceerde technieken die nodig zijn in onze complexe maatschappij. Nog een ander organiseert de verschillende aspecten van de meerwaardecreatie en dat bevordert dan de correcte allocatie van de schaarse middelen. Er zijn ook mensen die zorgen voor orde en netheid, neem dat maar in de brede zin van de betekenis. In rommel of een mismeesterde maatschappij gedijt een mens niet.
De maatschappelijke structuren en daarvan specifiek de zich ontwikkelde machtsverhoudingen hebben er voor gezorgd dat sommige beroepen financieel hoger gewaardeerd worden dan andere, en dat hangt daarom niet recht evenredig samen met de maatschappelijke relevantie in termen van maatschappelijke vooruitgang. Politiek trekt hier een en ander scheef.
Maar nog steeds werkt men voor geld; geld wordt daarmee een opslagmiddel voor gepresteerde arbeid. Want wie elke dag trouw zijn werk doet, krijgt elke maand zijn loon gestort, en dat geld wordt aangewend om goederen te kopen om te leven. Er zijn ook mensen die niet werken en ook moeten leven. Denk maar aan kinderen. Denk aan de gepensioneerden. Denk aan de zieken. Dus moeten we met onze arbeid meer geld verdienen dan we elke maand voor onszelf zullen opdoen. We moeten er ons gezin mee onderhouden en we moeten een appeltje voor de dorst bijeen schrapen voor andere tijden, voor minder gefortuneerden die niet kunnen werken. In ons geld slaan we dus onze creatieve inspanningen van het werk dat we presteren, op. Stel het anders, we steken van ‘s morgens tot ‘s avonds onze ziel in ons werk (dat zou toch de bedoeling moeten zijn – vlaag van idealisme) en die ziel gaat daarmee over in de meerwaarde die we maken, in het geld dat we zo verdienen.
Daarom ook dat we eigenlijk weiger zijn geld uit te geven. Ja, misschien hebben we er niet zoveel uit te geven, zijn we spaarzaam, maar even goed kan iemand met veel geld, toch zuinig wezen. Je moet dan eens nagaan hoe die persoon zijn geld heeft vergaard. Veel kans dat hij klein is begonnen en doorheen de jaren met noeste arbeid een eigen zaak uit de grond heeft gestampt waar hij zijn ziel heeft in gestoken en die hem nu een comfortabele financiële situatie opgebracht heeft.
Niemand geeft zomaar zijn ziel af.
Ik haal het voorbeeld van mijn eigen kroost aan; ooit, met de zomervakantie draag ik hen op een aantal dagen te komen helpen in mijn fabriek. Ze verdienen daarmee elk 70 euro. Ze hebben daarvoor toch redelijk veel uren moeten presteren. Kinderarbeid, weet u wel hé. Laat ons even de Poco-mentaliteit daar waar ze hoort, in het riool, en laat mij u vertellen dat ik voorgesteld had, als zij op de daarop volgende vakantie in Frankrijk iets zouden willen kopen, een souvenir of een lekkere fles wijn voor hun papa (grapje), zij dat vrij met hun eigen geld zouden kunnen beslissen. Ettelijke koop-opportuniteiten later, zijn we terug naar huis gereisd met al hun geld nog in hun kleine zakken. Ze vonden dat alles zo DUUR was. Tuurlijk, ze hadden de waarde van geld leren kennen. En ze wisten wat deel van hunzelf ze in dat geld hadden gelegd. Ze zouden dat geld slechts uitgeven aan iets wat hun kon bezielen. Het tegenvoorbeeld is de fils-à-papa die alles zomaar in de schoot krijgt geworpen en er in no-time het familievermogen doorjaagt. In dezelfde categorie vind je de lotto-winnaar. Dat geld heeft geen waarde voor die mensen, want het is niet het resultaat van hun ziele-arbeid. Maar in meer of mindere mate vind je diezelfde kenmerken terug in de waardering voor geld van sommige mensen die wel werken voor hun geld. Wie zijn geld immers te makkelijk verdient ken minder goed diens waarde. Noem het (deels) zielloos geld.
Zielloos geld. Hoe wordt geld zielloos? Door het van de ene af te nemen en het zo maar aan de ander te geven. De overheid is daar goed in. De overheid heft belastingen op onze ziele-arbeid, we moeten dat geld afgeven onder dwang en intimidatie. We zijn daar meestal verontwaardigd over. Dat is heel logisch. Men pakt een zielevrucht af. De persoon die van de overheid geld krijgt als een subsidie of tegemoetkoming, die waardeert dat geld niet in dezelfde mate als wie dat geld afgenomen werd. Je kunt dat dikwijls zien in uitgavenspatronen van steuntrekkers. Een mega-tv tegen de muur in een leven van scheef en krom.
Diefstal (legaal & illegaal) is ook een bron van verontwaardiging die haar oorsprong vindt is he ontzielen van ons geld. Er zijn mensen die zich specialiseren in het ontvreemden van andermans zielewerk. Ja ook op legale manier. Creativiteit in taksen. Ik besef dat we met zijn allen moeten bijdragen aan de collectieve kosten van een maatschappij. Over hoe veel die bijdrage dan wel moet zijn, wat er collectief georganiseerd moet worden en hoeveel er aan de strijkstok blijft hangen, daar knaagt het toch een beetje in onze ziel, niet?

De overheid en de centrale banken passen nog een andere truck toe op ons zielegeld: Inflatie. Die inflatie is het gevolg van het uitbreiden van de hoeveelheid geld, zonder dat daarvoor eerst arbeid of meerwaarde werd gepresteerd. Het quantitative easing, bijdrukken van geld. Daardoor ontwaardt het bestaande geld en wordt de spaarreserve aangetast. Bijna niemand heeft dit door, het is heel achterbaks en misdadig. Het is als een parasiet die jaar na jaar met ons meeleeft en telkens de slagroom van uw toetje likt. Uw zuur verdiende centjes van weleer zijn na verloop van tijd nog maar de helft waard. Vroeger werd dit ondervangen door deftige intrestvoeten. Nu staat uw geld te schimmelen op uw spaarrekening. Sparen voor een pensioen iemand?

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *